[vc_row][vc_column][vc_column_text]Het ERP-systeem Unit4 Business World scoort bovengemiddeld op de ranglijst van het Canadese onderzoeksbureau Technology Evaluation Centers (TEC). TEC is een onafhankelijke technologie-onderzoeker, gespecialiseerd in het gedetailleerd analyseren van softwareoplossingen. Het bureau helpt organisaties bij het selecteren van een passend ERP-systeem. Unit4 Business World behoort tot de top in de categorie ‘ERP voor dienstverlenende organisaties’, zo concludeert TEC.

Het systeem van Unit4 doet het op vrijwel alle geanalyseerde gebieden beter dan het marktgemiddelde. Het excelleert met name in functionaliteiten als portfolio- en projectmanagement, resource planning en roostering, tijd- en kostenmanagement, budgettering, facturering en in back-officefunctionaliteiten voor de financiële administratie en de afdelingen HR en inkoop.

Efficiënter
Nu de economie aantrekt en vraag toeneemt, richten zakelijke dienstverleners zich weer steeds meer op hun kernactiviteiten. Personeelsmanagement, ICT, administratie en juridische zaken besteden ze uit. En door toenemende concurrentie en prijsdruk, zijn organisaties bovendien genoodzaakt werkzaamheden efficiënter te maken. Een ontwikkeling die in de hele dienstverlenende sector zichtbaar is.

In deze sector onderscheiden organisaties zich met specifieke kennis en het ontzorgen van hun klanten door het bieden van maatwerkoplossingen. Daarbij is het van belang dat ze zo goed mogelijk samenwerken met alle ketenpartners. Bovendien moeten dienstverlenende organisaties flexibel zijn en zo goed en zo snel mogelijk inspelen op groei en krimp en daarmee samenhangende reorganisaties.

Geavanceerd
Daar hebben ze de ondersteuning van een flexibel en geavanceerd ERP-systeem bij nodig. Behalve de noodzakelijke functionaliteit is het belangrijk dat het ERP-systeem kan inspelen op reorganisaties, aanpassingen aan een businessmodel of strategie, fusies en overnames en veranderingen in de wet- en regelgeving.

En dat is volgens TEC precies waar Unit4 Business World geschikt voor is. “Een geïntegreerde suite van oplossingen die ontwikkeld is voor projectgebaseerde organisaties, werkzaam in een omgeving van constante verandering”, zo staat onder meer in het rapport. Het rapport beschrijft per functionaliteit hoe Unit4 Business World scoort ten opzichte van het marktgemiddelde.

Download het TEC rapport.

Bron: TEC\Unit4[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][ultimate_info_banner banner_title=”Expertise software selectie en implementatie” banner_desc=”In Nederland vervult pragmatiQ The IT-Matchmaker een zelfde rol als TEC. Bent u op zoek naar de best passende oplossing voor uw organisatie? Neem dan vrijblijvend contact met ons op. Wij lichten u graag onze unieke aanpak toe.” button_text=”Neem contact op” button_link=”url:http%3A%2F%2Fwww.itmatchmaker.nl%2Fcontact-3%2F||” button_color=”#f24d07″][/vc_column][/vc_row][vc_row][vc_column][ultimate_info_banner banner_title=”ERP Gebruikerstevredenheidsonderzoek” banner_desc=”In het voorjaar van 2016 start alweer de 13e editie van ons ERP gebruikerstevredenheidsonderzoek. Wilt u op de hoogte blijven, schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.” button_text=”Aanmelden voor nieuwsbrief” button_color=”#ef5715″][/vc_column][/vc_row]


SAP is nog steeds de grootste partij in CRM-oplossingen bij bedrijfsvestigingen met 50 of meer medewerkers. Ongeveer een kwart van de CRM-installaties is van SAP. Op de tweede plaats staat Microsoft, goed voor ruim 16 procent van de CRM-oplossingen. Salesforce sluit de top 3, maar wordt op de voet gevolgd door Oracle. Een opmerkelijk groot aandeel van de CRM-oplossingen wordt gevormd door maatwerk, hoewel dit wel een procent is gedaald ten opzichte van vorig jaar. Eveneens opvallend is de grote diversiteit aan oplossingen die op het gebied van CRM in gebruik zijn. In totaal worden ruim 200 verschillende toepassingen genoemd. Dit blijkt uit analyse van circa 7.500 interviews die Computer Profile voerde met Nederlandse commerciële en publieke bedrijfsvestigingen (met ten minste 50 medewerkers) over het gebruik van CRM-software.

Marktaandeel CRM leveranciers

Parkaandelen CRM
Er zijn duidelijke verschillen in aandelen te zien binnen de verschillende marktsegmenten. SAP is binnen de multinationals duidelijk marktleider met ruim een derde deel. Ook presteert Salesforce binnen dit segment het beste. Bij middelgrote Nederlandse bedrijven met 50 tot 250 medewerkers heeft Microsoft juist een groter aandeel dan SAP.

Ontwikkeling CRM
Het aantal locaties dat een CRM-softwaresysteem gebruikt is de afgelopen jaren aanzienlijk gestegen. Momenteel heeft een kwart van de locaties een CRM-systeem, terwijl dit twee jaar geleden nog geen 12 procent was. Bij de overige segmenten is het aandeel redelijk gelijk gebleven door de jaren heen. Uit het onderzoek blijkt tevens dat naarmate een locatie meer medewerkers heeft zij eerder gebruikmaken van een CRM-systeem.

Installed base CRM leveranciersLocatie van CRM
Van alle in kaart gebrachte CRM-oplossingen draait ongeveer 15 procent in de cloud. Oplossingen die onder de noemer private cloud vallen, worden meegenomen in de categorie hosted. Met andere woorden, cloud betreft alleen publieke cloudoplossingen. Het afgelopen jaar is het aantal locaties dat gebruikmaakt van een hosted oplossing met 8 procent gestegen. Vorig jaar hadden nog geen 20 procent van de locaties hun CRM-applicatie via een host draaien, inmiddels is dit 28 procent.



ERP-oplossingen

SAP is ook met zijn ERP-oplossingen de grootste partij bij bedrijfsvestigingen met 50 of meer medewerkers. Bijna 40 procent van de ERP-installaties is van SAP. Op de tweede plaats staat Microsoft, goed voor ruim 12 procent van de ERP-oplossingen. Exact staat op de derde plaats.

Marktaandeel ERP leveranciers

Parkaandelen ERP

Binnen het segment multinationals is SAP veruit de grootste aandeelhouder in de ERP-markt met ruim 60 procent. Bij bedrijven met 50 tot 250 medewerkers is het aandeel van Microsoft groter dan dat van SAP. Binnen de publieke sector is 1 op de 6 oplossingen van Exact. Daarmee verdient Exact binnen dit segment de tweede plaats.

Ontwikkeling ERP
70 procent van de locaties heeft een ERP-softwaresysteem. Als er wordt gekeken naar de verschillende industrieën zijn er geen sterk stijgende of dalende lijnen, maar wel is dan te zien dat in de maakindustrie 90 procent van de locaties een ERP-softwaresysteem heeft. Dit is dan ook gelijk de industrie waarbij de hoogste dichtheid gevonden wordt. Binnen de gezondheidszorg maken de minste locaties gebruik van ERP, namelijk 43 procent. Dit valt uiteraard in de lijn der verwachting. Ook doet de factor ‘bedrijfsgrootte’ weinig aan de penetratie van ERP-systemen; over de gehele lijn is dit gemiddeld ongeveer 70 procent. Binnen het publiek domein worden er fors minder ERP-systemen gebruikt in vergelijking met de andere sectoren.

Locatie van ERP
De meeste ERP-systemen draaien op een remote locatie. Dat houdt in dat het wel binnen de organisatie draait, maar niet op hun vestiging. Het aantal organisaties dat dit zo heeft geregeld neemt terug, van 43 procent vorig jaar naar de huidige 38 procent. Hosted oplossingen nemen juist aanzienlijk toe, een stijging van 8 procent ten opzichte van vorig jaar. In totaal maken nu ruim 26 procent van de locaties gebruik van een hosted oplossing.

Bron: Computer Profile


Maar toepassing Business Data Lake nog relatief beperkt

EMC Onderzoek Big DataUit onderzoek van EMC Nederland blijkt dat bedrijven er serieus werk van maken om Big Data-toepassingen in hun eigen organisatie op te bouwen. Een derde van de ondervraagden is al ruim twee jaar bezig en de helft is hier afgelopen jaar ook mee aan de slag gegaan. Hierbij is het voor velen vanzelfsprekend dat dit soort projecten een intensieve samenwerking tussen de business en de IT-medewerkers vraagt, omdat enerzijds business-informatie wordt gezocht in verzamelde data en anderzijds dat hier best complexe techniek aan ten grondslag ligt. Het onderzoek laat tevens zien dat in veel Nederlandse organisaties nog niet voldoende kennis aanwezig is om Big Data-projecten succesvol uit te kunnen voeren.

EMC ondervroeg 102 Nederlandse zakelijke beslissers op het gebied van Marketing, HR en algemeen business management met als doel inzicht te krijgen in hun kennis op het gebied van Big Data. Met achterliggend vragen over data governance, de toepassing van data lakes en de ontwikkeling van informatie-analysekennis. Ook werd geïnformeerd naar de samenwerking tussen de business en de IT-afdelingen in deze toch vaak gemeenschappelijk opgezette projecten.

Hans Timmerman, CTO van EMC Nederland:

“Data is de olie van de 21ste eeuw. Het slim vergaren van de juiste data en daar vervolgens kennis uit halen, maakt dat je je positief van je concurrent kunt onderscheiden. Bedrijven die daadkrachtig hun hele keten digitaliseren, real time engagement met hun klant realiseren en slim data vergaren en gebruiken, blijken in staat de orde hevig te verstoren. De basis van hun succes is echter wel de inzet van vaak ingewikkelde techniek zoals Big Data, Data Lakes en informatieanalyse. Hoewel steeds meer bedrijven inzien dat zij deze richting op moeten, is er nog heel veel winst te behalen op dit gebied.” 

Samen shoppen
Twee derde van de ondervraagden geeft aan dat de business en de IT-afdeling samen optrekken bij de start en uitvoering van Big Data-projecten. In 27% van de gevallen is de IT-afdeling de aanjager, in slechts 9% is de business zelf de initiator. In een derde van de gevallen zorgen de informatiespecialisten dat de vereiste software wordt aangeschaft, maar in een vergelijkbaar deel van de gevallen zoekt de business zijn eigen gewenste software. Uit ruim 90% van de antwoorden blijkt dat de samenwerking tussen business en IT bij dit soort projecten goed tot zeer goed is.

Kennisniveau
Op het gebied van kennisniveau zijn er op alle fronten nog aardig wat vraagtekens. Ongeveer de helft van de ondervraagden weet niet of zij of de rest van de organisatie (al) de juiste kennis en kunde in huis hebben om deze projecten succesvol uit te voeren. Het is een nieuwe techniek en vaak weet men niet waar te beginnen. Een derde van de ondervraagden zegt dat de techniek en de gewenste data intussen voorhanden zijn, maar dat men zeker nog veel moet experimenteren en projecten moet uitvoeren om de kennis en kunde op dit gebied op het gewenste niveau te krijgen.

Business Data Lakes
Timmerman:

“Om effectief met data-analyse aan de slag te gaan, zijn twee zaken nodig. Allereerst moet men weten welke data men heeft om te onderzoeken. Dit klinkt triviaal, maar weten wat je data is, welke kwaliteit het heeft, wat de bron was en wie de eigenaar daarvan is, blijkt nog best lastig. Goede data governance is daarom voor vele organisaties nog best een uitdaging. Ten tweede moet men de data die men wil onderzoeken beschikbaar maken in wat men tegenwoordig een Business Data Lake noemt. Een data-opslagomgeving waar men werkelijk alle (soorten) data beschikbaar kan stellen die voor de data-analyse nodig is. Dit kan gestructureerde data uit enterprise applicaties zijn, maar ook ongestructureerde data uit allerlei mogelijke bronnen, van e-mail tot en met twitterberichten, van marketingdata tot en met sociale media. Het begrip data lake is bij de meeste ondervraagden nog onbekend of op zijn minst onduidelijk. Hier ligt een taak voor de IT-afdeling deze kennis te vergroten.” 

Data-analyse
Van de ondervraagden is de meerderheid ervan overtuigd dat de business hier zijn stempel op zal moeten drukken. Ruim de meerderheid geeft aan dat men juist veel externe data wil gebruiken die bijvoorbeeld wordt verzameld uit sociale media of via apps die klanten gebruiken. De kennis en beschikbaarheid van deskundigen op dit gebied noemt men nog onder de maat. Data scientists, data-analisten en business intelligence-deskundigheid zijn vakgebieden waar nog veel vraag zal blijven de komende jaren. Hoewel dat ruim de helft van de ondervraagden niet tegenhoudt zichzelf actief in deze vakgebieden te ontwikkelen. 

“Steeds meer organisaties in Nederland zijn echt serieus aan het werk met big data-analyse, dat blijkt ook weer uit dit onderzoek. Ook is 55 procent van de ondervraagden van mening dat data-analyse niet per se het domein van IT is en velen zijn zelf al actief met het analyseren van data. Deze trend maakt dat het effectief inrichten van een Business Data Lake niet alleen steeds interessanter wordt, maar voor menig onderneming ook een vereiste is om de grote hoeveelheid data die beschikbaar is te kunnen beheren en analyseren. Studenten en mensen die al werken in de ICT en hierop inspringen, kunnen ongetwijfeld een goede en interessante baan tegemoet zien.”,

vervolgt Timmerman

Opmerkelijk
Andere opmerkelijke resultaten uit dit onderzoek zijn:

  • 9 procent van de respondenten geeft aan dat zij nooit contact heeft met medewerkers van hun IT-afdeling en/of het IT-management. Dat is toch bijna één op de tien ondervraagden.
  • 15 procent van de respondenten denkt dat er niet meer data, dan reeds bij hen bekend, binnen het bedrijf aanwezig is die kan helpen bij het nemen van (betere) zakelijke beslissingen of oplossen van problemen. Daarmee diskwalificeren zij bijvoorbeeld data uit sociale media, afkomstig van sensoren of van derde partijen zoals klanten en partners.

 

Bron: EMC

 


ERP vernieuwingNederlandse ondernemingen slagen er nog onvoldoende in te profiteren van de vernieuwingen die ERP-software te bieden heeft. Onder druk van met name bezuinigingen op IT en zorg voor een stabiele ERP-omgeving, houden bedrijven in het algemeen vast aan bestaande ERP-applicaties en de verdere optimalisatie ervan. Ondernemingen kijken nog nauwelijks naar de meerwaarde die met het gebruik van innovatieve toepassingen, zoals cloudoplossingen en in-memory-technieken gerealiseerd kan worden.

Dit blijkt uit onderzoek van KPMG naar de wijze waarop SAP-gebruikers omgaan met vernieuwingen die de ERP-software te bieden heeft. Van de onderzochte bedrijven geeft de helft van de ondernemingen aan dat zij niet van plan zijn om de komende jaren hun innovatieve vermogen aan te wenden om nieuwe toepassingen te gaan gebruiken. ”

“Disruptieve technologieën, zoals S/4 Hana, SAP in de Cloud en in mindere mate ook de integratie van sociale media in de ERP-systemen, worden door de onderzochte bedrijven zeker als relevant beschouwd voor het stimuleren van de noodzakelijke veranderingen binnen de onderneming”, constateert Gerben de Roest, partner bij KPMG.

De Roest:

“Toch heeft niet meer dan een handvol bedrijven een duidelijk beeld van de werkelijke waarde die deze nieuwe toepassingen hebben en de middelen die nodig zijn om ze te kunnen ondersteunen.”

Veilig stellen van eerdere investeringen

Uit het onderzoek van KPMG blijkt dat de investeringen die bedrijven de komende jaren in hun ERP-landschap zullen doen er vooral op gericht zijn om het maximale rendement uit de huidige toepassingen te halen.

De Roest:

“De nadruk ligt dus vooral op het veilig stellen van de investeringen die in het verleden zijn gedaan, terwijl er een potentieel onbenut blijft om meerwaarde uit ERP te halen. Als we kijken naar de agenda voor de komende drie tot vijf jaar dan zien we dat vooral aandacht wordt besteed aan traditionele doelstellingen, zoals het optimaliseren van het bestaande ERP-landschap en een betere beheersing van de belangrijkste data en processen in de ERP-systemen.

Een mogelijke verklaring hiervoor is dat het voor veel bedrijven een enorme uitdaging is om een nieuwe technologie te introduceren in een grootschalige en complexe ERP-omgeving, en er om die reden afstand van te bewaren. Bovendien is de ervaring van veel bedrijven dat het realiseren van maatwerk en het integreren van systemen steeds complexer wordt. Ondernemingen hebben hier alleen al de handen vol aan. Hierdoor wordt ook de innovatie van de ERP-omgeving beperkt en daarmee het maximaal rendement van de ERP-omgeving voor de organisatie beperkt.

Het wekt dan ook geen verbazing dat 75% van de onderzochte bedrijven een her-implementatie van haar ERP-systeem heeft overwogen of zelfs heeft uitgevoerd om bestaande complexiteit te reduceren.”

Vinden van de juiste balans

Volgens De Roest is het voor de bedrijven de komende jaren de belangrijkste uitdaging om een juiste balans te vinden tussen het enerzijds optimaliseren en simplificeren van bestaande ERP- landschappen en anderzijds het op het juiste moment toepassen van nieuwe technologieën.

De Roest:

“Voor veel bedrijven zal de waarde van IT in het algemeen, en ERP in het bijzonder, worden bepaald door de timing en effectieve adoptie van de nieuwe toepassingen. Dit is niet eenvoudig en met één simpel antwoord af te doen, omdat technologische ontwikkelingen, denk hierbij aan IT megatrends zoals digitalisering, social media, big data, cloud, mobility en apps, in volle gang zijn en elkaar in rap tempo opvolgen.

ERP-software dat traditioneel de backoffice-processen ondersteunt, volgt deze IT megatrends ook waarbij de ERP-functionaliteiten worden uitgebreid ter ondersteuning van de front-office en ‘client facing’-processen. Bovendien veranderen bedrijfsmodellen van organisaties én de wijze waarop organisaties klanten en consumenten benaderen (digitalisering) ook sneller dan voorheen en moet een dergelijke keuze ook nog eens ‘sustainable’ zijn zodat hier voor het komende decennium een degelijke fundering ligt.

Mijn advies aan organisaties is om te focussen op het reduceren van complexiteit van de bestaande ERP-omgevingen, waardoor de kosten voor de ERP-operatie verlagen en er ruimte komt voor innovatie en het inpassen van nieuwe technologieën op basis van een gedegen ERP-plan. Mits juist toegepast zal de waarde van ERP voor organisaties alsmaar toenemen.”

Het onderzoek kunt u downloaden via deze pagina.

Bron: KPMG


[vc_row][vc_column][vc_column_text]

Management Team doet al sinds 2001 elk jaar onderzoek naar de kwaliteit en populariteit van leveranciers van digitale services op de Nederlandse markt.

Beste digitale dienstverlenersHet onderzoek is dit jaar uitgevoerd door Inscope Consulting, een divisie van de Erasmus Universiteit Rotterdam. In totaal 427 mensen vulden in april een volledige vragenlijst in.

14 VERSCHILLENDE VAKGEBIEDEN

Voor het onderzoek zijn eerst 14 verschillende vakgebieden in digitale dienstverlening gedefinieerd. Bij die gebieden zijn groslijsten gemaakt van bedrijven die erin opereren. Aan respondenten is eerst gevraagd over welke van deze gebieden ze (mede-)beslissend zijn, en waar ze bevestigend antwoorden, kregen ze de lijsten voorgelegd met de vraag welke dienstverleners ze zouden aanbevelen aan hun mede-managers. Daarnaast waren er 3 open vakken voor bedrijven die ze missen op de lijsten. Respondenten konden bovendien aangeven of een bedrijf voor hen op nummer 1 moest komen, of in hun top-3.

KLANTGERICHTHEID

Naar analogie van de MT500 dit jaar (en conform het model van Treacy en Wiersema) is respondenten ook gevraagd naar hun oordeel over drie aspecten van de partijen die ze aanbevelen: klantgerichtheid, productleiderschap en de kwaliteit van de uitvoering. Hiervoor konden respondenten tot 5 sterren geven. De hier gepresenteerde ranglijsten zijn gebaseerd op het percentage aanbevelingen dat beslissers in een bepaalde categorie voor organisaties hebben gegeven.

Exact is de favoriete dienstverlener van de MT-lezer in de categorie Finance-software

In de categorie ‘Finance-software’ wordt gevraagd naar het oordeel over partijen met boekhoudsoftware en andere software gericht op de financiële administratie van bedrijven. Ook ERP-systemen vallen hier onder. Dit zijn de meest genoemde partijen, met het percentage respondenten dat het bedrijf aanbeveelt:

1 Exact 44%
2 SAP 37%
3 Afas 35%
4 Unit4 24%
5 Centric 12%
6 Davinci 7%
6 KING 7%
6 Visma 7%
9 Reeleezee 4%
9 Twinfield 4%
11 Minox 3%
11 Yuki 3%

Exact is de favoriete dienstverlener van de MT-lezers in de categorie HR-software

In de categorie ‘HR-software’ wordt gevraagd naar het oordeel over partijen die software leveren op het gebied van in-, door- en uitstroom van personeel, bijvoorbeeld werving en selectie, verloning en tijdregistratieactiviteiten. Dit zijn de meest genoemde partijen, met het percentage respondenten dat het bedrijf aanbeveelt:

1 Exact 31%
2 ADP 21%
3 Raet 19%
4 Unit4 18%
5 Afas 17%
6 HROffice/AdverOnline 11%
7 Monsterboard TMS 10%
7 PeopleXS (Oracle) 10%
7 Polaris 10%
10 Connexys 8%
11 RecruiterXL 8%
12 JobsRepublic / E-recruiter 7%
12 Pivoton 7%
12 Tangram 7%
15 Salar 6%
15 SuccessFactors (SAP) 6%
15 Visma 6%
18 Carerix 4%
18 CRMatch 4%
20 Hireserve 3%
20 Kenexa 3%
20 Lumesse 3%
20 Nmbrs 3%
20 OTYS 3%
20 SDWorx 3%
20 Yoomy 3%

Bron: MT[/vc_column_text][icon_counter icon_type=”selector” icon=”Defaults-info-circle” img_width=”48″ icon_size=”32″ icon_color=”#1e73be” icon_style=”none” icon_color_bg=”#ffffff” icon_color_border=”#333333″ icon_border_size=”1″ icon_border_radius=”500″ icon_border_spacing=”50″ flip_box_style=”advanced” border_size=”2″ border_color=”#a4a4a4″ box_border_style=”outset” box_border_size=”2″ box_border_color=”#a4a4a4″ box_border_color_back=”#a4a4a4″ block_title_front=”Welke financiële of HR software past het beste bij uw organisatie?” block_desc_front=”Bent u op zoek naar de best passende financiële of HR software voor uw organisatie? Stel dan direct (kostenloos) uw longlist samen aan de hand van onze keuzehulp. Verfijn de resultaten met een gratis account. ” text_color=”#333333″ bg_color=”#efefef” block_text_color=”#333333″ block_front_color=”#efefef” block_desc_back=”Stel direct uw longlist samen uit meer dan 400 software oplossingen.” block_back_text_color=”#333333″ block_back_color=”#efefef” custom_link=”1″ button_text=”http://www.it-matchmaker.nl/software-categori.html” button_bg=”#e04402″ button_txt=”#ffffff” flip_type=”vertical_flip_bottom” height_type=”ifb-jq-height” box_height=”300″ cont_align=”on” title_font=”font_family:Abel|font_call:Abel” title_font_style=”font-weight:bold;” title_font_size=”16″ title_font_line_height=”10″ desc_font=”font_family:Advent Pro|font_call:Advent+Pro|variant:600″ desc_font_style=”font-weight:600;” desc_font_size=”12″ desc_font_line_height=”8″][/vc_column][/vc_row]


Beacons eerste stap om check-in en bagageafhandeling te verbeteren

Internet of Things (IoT) airlinesLuchthavens wereldwijd zijn van plan om de komende drie jaar flink te investeren in Internet of Things (IoT). Dit blijkt uit het SITA 2015 Airline IT Trends-onderzoek. Een grote meerderheid van de luchtvaartmaatschappijen (86%) verwacht dat IoT de komende drie jaar veel voordelen gaat bieden en meer dan een derde (37%) heeft hier al budget voor gereserveerd. Het onderzoek toont bovendien aan dat de geplande IoT-investeringen vooral gericht zijn op het inchecken van passagiers en bagage en het ophalen van bagage.

Het onderzoek van SITA, uitgevoerd onder ’s werelds top 200 luchtvaartmaatschappijen, laat zien dat meer dan de helft van de luchtvaartmaatschappijen van plan is om de komende drie jaar te investeren in IoT. 16% van de respondenten is zelfs van plan om grootschalige IoT-programma’s te lanceren in de komende drie jaar. Daarnaast is 41% van plan om te investeren in Research & Development. De luchthavens spelen hiermee in op het grote aantal vliegtuigpassagiers (83%) die reizen met een smartphone.

Als zaken zoals voorwerpen, passagiers en medewerkers met elkaar verbonden worden, creëert dit een immense hoeveelheid data. Deze data dient omgezet te worden in bruikbare data voor luchtvaartmaatschappijen. Hierdoor krijgen zaken als Business Intelligence (BI) en data centers steeds meer prioriteit. 94% van de ondervraagde luchtvaartmaatschappijen investeert al in BI en 74% is van plan om voor 2018 grote investeringsprogramma’s op te zetten op dit vlak. Tevens heeft 68% plannen om de komende drie jaar te investeren in data centers en gaat 14% investeren in R&D of een pilot-programma.

Het inzetten van beacons, sensoren waarmee locatie en andere informatie aan elkaar gekoppeld kunnen worden, heeft prioriteit voor luchtvaartmaatschappijen. Momenteel gebruikt nog maar 9% van de luchtvaartmaatschappijen beacons, maar dit zal naar verwachting stijgen naar 44% in 2018. Uit het onderzoek blijkt bovendien dat beacons met name ingezet gaan worden bij bagageafhandeling. 44% van de luchtvaartmaatschappijen is van plan om ze te gebruiken bij het inchecken van bagage en 43% bij het ophalen van bagage.

Een ander aspect dat hoog op de agenda staat voor luchtvaartmaatschappijen is het aanbieden van interactieve diensten via mobiele devices. Vooral locatie-gebaseerde informatie zal centraal staan bij deze diensten. In veel gevallen komt deze informatie tot stand door het inzetten van beacons. Hierbij kan gedacht worden aan diensten voor het oplossen van problemen met bagage-afhandeling. Daarnaast is het mogelijk om berichten te verzenden aan passagiers op basis van hun locatie, zodat ze op tijd boarden, zelfs als die zich nog niet in de luchthaven bevinden. Momenteel biedt 60% van de luchtvaartmaatschappijen actuele vluchtinformatie aan passagiers via een smartphone app. In 2018 zal dit naar verwachting stijgen naar 96%. Ook bij deze diensten worden voornamelijk beacons ingezet. Tenslotte gaat 57% in de komende drie jaar beacons gebruiken voor apps die passagiers helpen de weg te vinden in een luchthaven.

“Onze hele wereld wordt steeds meer “connected” en luchtvaartmaatschappijen zien dat investeringen in IoT nodig zijn om op dit vlak de vruchten te kunnen plukken”, zegt Jim Peters, Chief Technology Officer van SITA. “IoT is een echte game-changer in de manier waarop we dingen doen – niet alleen voor de luchtvaartindustrie, maar in alle aspecten van ons leven. Luchthavens en –maatschappijen kunnen samen beacons gebruiken om intelligente luchthavens te creëren en business intelligence en analytics in te zetten om een betere passagierservaring te leveren.”

Meer informatie over het SITA 2015 Airline IT Trends-onderzoek, uitgevoerd in samenwerking met Airline Business, is hier terug te vinden.


Accountants verwachten afname persoonlijk contact bij inzicht geven in financiële situatie

Kwalitatief onderzoek van Exact over rol van accountant

Klantcontact accountant via (cloud)softwareWaar klanten nu hoofdzakelijk vanuit persoonlijk contact met hun accountant inzicht krijgen in hun financiële situatie, verwachten accountants- en administratiekantoren dat dit over drie jaar vooral gebeurt via (cloud)software. Dat is een van de uitkomsten van het Exact-onderzoek¹ naar de rol van de accountant in Nederland. Op dit moment krijgt meer dan de helft (53 procent) van de klanten financieel inzicht via een-op-een contact met de accountant. Een kwart van de kantoren gebruikt hier al (cloud)software voor. De respondenten denken dat dit voor accountants- en administratiekantoren de komende jaren toeneemt naar respectievelijk 39 procent en 36 procent.

Meer omzet door advies
Daarnaast verwachten accountants- en administratiekantoren de komende 12 maanden te groeien. Administratiekantoren zijn daarover positiever dan accountants. Zij verwachten met gemiddeld 13 procent te groeien, terwijl de accountants denken 5 procent meer omzet te behalen. De respondenten verwachten hun extra omzetgroei te behalen op het gebied van advisering. In 2018 denken zij dat de rol van adviseur hun voornaamste taak is. Administratiekantoren zien hun groei vooral in primaire sectortaken als boekhouden, ondersteuning bij de jaarrekening of bij belastingaangifte. Onder accountancykantoren verwacht ruim de helft te groeien in het geven van belastingadvies en maar liefst 63 procent op het gebied van bedrijfsadvies. Opvallende uitkomst is dat maar weinig accountancybedrijven zich verdiepen in sectorspecialisatie. Hoewel de accountants wel aangeven met specifieke sectorkennis te adviseren, zijn er niet veel accountants die zich uitgesproken specialiseren.

Sebastiaan de Jong, Business Director Cloud Solutions bij Exact:

“In de zoektocht naar meer toegevoegde waarde voor de accountant, kan sectorspecialisatie een enorme bijdrage leveren. Uit het onderzoek komt nu naar voren dat accountants die stap nog niet veelvuldig zetten. Maar wanneer accountants zich focussen op een specifieke branche, leren zij de uitdagingen en cijfers van die ondernemers extra goed kennen. Dat maakt benchmarking mogelijk, plus dat het hen beter in staat stelt advies te geven over hoe de ondernemers verder kunnen groeien. Dat maakt je onderscheidend van de concurrentie.”

Werken aan nieuwe vaardigheden
Om de gewenste adviseursrol te kunnen pakken, zijn volgens de respondenten andere vaardigheden nodig. Accountants denken dat ze op dit moment vooral tekortschieten op het gebied van communicatieve en coachende vaardigheden. Dat wordt op de voet gevolgd door een gebrek aan kennis op het vlak van ICT en software. Op het gebied van data-analyse wil de accountant ook graag zijn kennis vergroten. Ging het er eerder vooral om de cijfers te verwerken in een gezonde boekhouding, is het nu steeds meer nodig om met cijfers aan de slag te gaan, trends en ontwikkelingen te identificeren en vervolgens de klant richting te geven op basis van onderbouwde analyses en prognoses.

De accountants denken dat het onderwijs voor hun sector zich hierop moet aanpassen. Hoewel redelijk tevreden, vindt geen van de respondenten dat er goed op het veranderend werkveld wordt ingespeeld. Zij wensen meer aandacht voor zowel bedrijfsadvisering, ICT- en softwarekennis als voor communicatieve vaardigheden en coaching.

Bron: Exact


Cloudcomputing wordt nu benut door bijna driekwart van de Europese grote ondernemingen. De grote meerderheid van de ondernemingen (vrijwel de helft van het totaal) gebruikt voornamelijk een private cloud, aldus onderzoek van Easynet, wereldwijd aanbieder van managed services. Het onderzoek werd uitgevoerd onder IT-beslissers van Europese bedrijven met meer dan 1000 werknemers en afkomstig uit alle sectoren.

Volgens het onderzoek is on-premise hosting na private cloud momenteel de op één na meest populaire IT-benadering (26%), terwijl de hybride cloud – de combinatie van private en publieke cloud – is uitgegroeid tot een significant alternatief. Voor 17% van de Europese bedrijven is het de voornaamste vorm van cloud computing.

Nederland
In Nederland maakt nu de helft van de bedrijven voornamelijk gebruik van de private cloud, 13% van de publieke cloud en 17% van een hybride cloud. De rest houdt het nog bij on-premise. Uitschieters in het Europese onderzoek zijn Spanje, waar tweederde van de respondenten voornamelijk gebruik maakt van de private cloud en België, dat niet verder komt dan 20%. In België maakt twee op de vijf bedrijven vooral gebruik van on-premise (het hoogste percentage in Europa), maar daar staat tegenover dat het land in Europa met 23% de grootste gebruiker is van de hybride cloud.

Verklaring
Een mogelijke verklaring voor de terughoudendheid van ondernemingen om verder te gaan dan een private of on-premise cloud is de aanhoudende zorg over security (62%) en privacy (48%).

Chris Hazewinkel, Country Manager Easynet Nederland:

“De hoeveelheid bedrijfsgegevens blijft toenemen en Europese organisaties zien nu echt het belang van het opslaan en beheren van deze data in de cloud. En zien dat nu bijna een op de vijf Europese bedrijven de hybride cloud gebruikt. Het is ‘the best of both worlds’. Gebruikers van een hybride cloud kunnen hun bedrijfskritische data opslaan in hun private cloud en de minder belangrijke data in de publieke cloud om zo tegemoet te komen aan de security- en privacy-zorgen. We helpen bedrijven met een uitgebalanceerde mix van cloudtechnologieën die voor hen de best mogelijke security en kostenefficiëntie oplevert. Deze bedrijven kunnen zich richten op hun kernactiviteiten in de wetenschap dat hun bedrijfsdata zowel veilig als toegankelijk zijn.”

Publieke cloud niet populair
De minst populaire vorm van cloud computing blijkt de publieke cloud te zijn. Slechts een op de tien bedrijven in Europa kiest voor deze aanpak als belangrijkste vorm van cloud computing. Belgische ondernemingen zijn samen met die in het Verenigd Koninkrijk de grootse gebruikers van de hybride cloud, respectievelijk 23% en 22% gebruikt deze als de voornaamste aanpak voor cloud computing. Opmerkelijk is dat organisaties die hun cloud/communication service providers aansturen via een integrator méér gebruik maken van de hybride en publiek cloud.

In Europa zijn het, weinig verassend, de dienstverleners (30%) en de IT-bedrijven (21%) die vooroplopen in het gebruik van de hybride cloud, terwijl nutsbedrijven (35%) het minst geneigd zijn om voor een hybride cloud te kiezen. De meerderheid van de banken en financiële dienstverleners en nutsbedrijven kiezen voor de private cloud. De overheid was het meest terughoudend om naar de cloud te gaan, iets meer dan helft van de overheidsorganisaties kiest voornamelijk voor on-premise hosting.

Over het onderzoek
Het onderzoek is in november en december van 2014 uitgevoerd door Vanson Bourne, onderzoeker van de wereldwijde technologiemarkt, onder IT-beslissers van Europese bedrijven met meer dan 1000 werknemers. In totaal zijn 660 interviews afgenomen in het Verenigd Koninkrijk (200), Frankrijk (100), Duitsland (100), Italië (100), Spanje (100), België (30) en Nederland (30).

Bron: Easynet


[vc_row full_width=”” parallax=”” parallax_image=”” animation=”” animation_delay=”” fullwidth=”no” bg_type=”” bg_repeat=”no-repeat” video_poster=”” video_texture=”” fw_columns=”” fw_same_height=”” border=”” waved_border_top=”” waved_border_bottom=”” top_margin=”0″ bottom_margin=”0″ parallax_style=”” bg_image_new=”” layer_image=”” bg_image_repeat=”” bg_image_size=”” bg_cstm_size=”” bg_img_attach=”” parallax_sense=”” bg_image_posiiton=”” animation_direction=”” animation_repeat=”” video_url=”” video_url_2=”” u_video_url=”” video_opts=”” u_start_time=”” u_stop_time=”” viewport_vdo=”” enable_controls=”” bg_override=”” disable_on_mobile_img_parallax=”” parallax_content=”” parallax_content_sense=”” fadeout_row=”” fadeout_start_effect=”” enable_overlay=”” overlay_color=”” overlay_pattern=”” overlay_pattern_opacity=”” overlay_pattern_size=”” overlay_pattern_attachment=”” multi_color_overlay=”” multi_color_overlay_opacity=”” seperator_enable=”” seperator_type=”” seperator_position=”” seperator_shape_size=”” seperator_svg_height=”” seperator_shape_background=”” seperator_shape_border=”” seperator_shape_border_color=”” seperator_shape_border_width=”” icon_type=”” icon=”” icon_size=”” icon_color=”” icon_style=”” icon_color_bg=”” icon_border_style=”” icon_color_border=”” icon_border_size=”” icon_border_radius=”” icon_border_spacing=”” icon_img=”” img_width=”” ult_hide_row=”” ult_hide_row_large_screen=”” ult_hide_row_desktop=”” ult_hide_row_tablet=”” ult_hide_row_tablet_small=”” ult_hide_row_mobile=”” ult_hide_row_mobile_large=””][vc_column width=”1/1″ animation=”” animation_delay=””][vc_column_text]Digitalisering advocatenkantoorAdvocatenkantoren die investeren in ICT hebben de beste kansen in de concurrentiestrijd in de juridische dienstverlening. In de eerste plaats kunnen kantoren met technologie efficiënter werken. Daarnaast kunnen ze technologie gebruiken om de relatie met klanten te versterken, waardoor hun concurrentiepositie verbetert. Dat concludeert het ING Economisch Bureau in een vandaag verschenen rapport. Uit een enquête van ING samen met informatiedienstverlener Wolters Kluwer blijkt dat driekwart van de advocatenkantoren de afgelopen drie jaar in nieuwe technologie heeft geïnvesteerd. Van de kantoren geeft 86% aan dat de investeringsbeslissing niet zonder obstakels verloopt.

Terwijl de groei van de markt voor advocatenkantoren al sinds 2009 afneemt, wordt de concurrentie groter. Er komen meer partijen bij die juridische diensten aanbieden, waaronder ook accountants en verzekeraars. Tegelijkertijd besteden juridische afdelingen van bedrijven steeds minder uit, en letten klanten door de crisis meer op de kosten. Daardoor staat de omzet van advocatenkantoren onder druk.

 

Een groot deel van de advocatenkantoren werkt met administratieve technologie. Zo gebruikt 76% programma’s voor urenregistratie, -analyse en facturering. Bijna zeven op de tien kantoren heeft praktijkmanagement-software. Technologie voor de inhoudelijke werkprocessen van advocaten wordt beperkter toegepast. Bijvoorbeeld relatief eenvoudige software met elektronische sjablonen voor het opstellen van juridische documenten wordt maar door 53% gebruikt. Nog geen derde van de kantoren beschikt over technologie om zowel digitaal als mobiel te werken. Het gebruik van op de klant gerichte technologie, zoals klanten-apps of tools om zaken te visualiseren is nog beperkt.

Grootste obstakels bij de beslissingen om te investeren in technologie zijn de omvang van investeringen (24%) en het moeilijk rendabel krijgen van investeringen voor kleine kantoren (23%). Bij cloudoplossingen zijn de investeringen weliswaar beperkt, maar dit zal niet altijd bekend zijn; een vijfde van de kantoren heeft namelijk onvoldoende kennis van de technologie. Kantoren die in staat zijn de technologische mogelijkheden te benutten, kunnen niet alleen efficiënter werken, maar versterken ook de binding tussen cliënt en kantoor.

Sasja Winters, sectormanager zakelijke dienstverlening van ING:

“Vanuit juridische expertise en klantkennis kunnen met technologie commercieel interessante nieuwe diensten ontwikkeld worden. Door met technologie waarde voor de klant toe te voegen onderscheiden kantoren zich verder van de achterblijvers.”

Denise Koopmans, managing director bij Wolters Kluwer Legal:

“Meer inzet van technologie leidt tot efficiëntere en verbeterde bedrijfsprocessen binnen kantoren. Verder biedt het advocaten de ruimte om zich breder te profileren als strategisch adviseur van cliënten, en zo meer toegevoegde waarde te leveren. In toenemende mate verwachten bedrijven en hun juristen dat advocatenkantoren technologie effectief gaan inzetten, niet alleen om de werkzaamheden van advocaten en de daarmee samenhangende declaraties te monitoren, maar ook om efficiënter te kunnen samenwerken.”

Bron: Wolters Kluwer[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row][vc_row full_width=”” parallax=”” parallax_image=”” animation=”” animation_delay=”” fullwidth=”no” bg_type=”” bg_repeat=”no-repeat” video_poster=”” video_texture=”” fw_columns=”” fw_same_height=”” border=”” waved_border_top=”” waved_border_bottom=”” top_margin=”0″ bottom_margin=”0″ parallax_style=”” bg_image_new=”” layer_image=”” bg_image_repeat=”” bg_image_size=”” bg_cstm_size=”” bg_img_attach=”” parallax_sense=”” bg_image_posiiton=”” animation_direction=”” animation_repeat=”” video_url=”” video_url_2=”” u_video_url=”” video_opts=”” u_start_time=”” u_stop_time=”” viewport_vdo=”” enable_controls=”” bg_override=”” disable_on_mobile_img_parallax=”” parallax_content=”” parallax_content_sense=”” fadeout_row=”” fadeout_start_effect=”” enable_overlay=”” overlay_color=”” overlay_pattern=”” overlay_pattern_opacity=”” overlay_pattern_size=”” overlay_pattern_attachment=”” multi_color_overlay=”” multi_color_overlay_opacity=”” seperator_enable=”” seperator_type=”” seperator_position=”” seperator_shape_size=”” seperator_svg_height=”” seperator_shape_background=”” seperator_shape_border=”” seperator_shape_border_color=”” seperator_shape_border_width=”” icon_type=”” icon=”” icon_size=”” icon_color=”” icon_style=”” icon_color_bg=”” icon_border_style=”” icon_color_border=”” icon_border_size=”” icon_border_radius=”” icon_border_spacing=”” icon_img=”” img_width=”” ult_hide_row=”” ult_hide_row_large_screen=”” ult_hide_row_desktop=”” ult_hide_row_tablet=”” ult_hide_row_tablet_small=”” ult_hide_row_mobile=”” ult_hide_row_mobile_large=””][vc_column width=”1/1″ animation=”” animation_delay=””][icon_counter icon_type=”selector” icon=”Defaults-info-circle” img_width=”48″ icon_size=”32″ icon_color=”#ffffff” icon_style=”circle” icon_color_bg=”#0367bf” icon_color_border=”#333333″ icon_border_size=”1″ icon_border_radius=”500″ icon_border_spacing=”50″ flip_box_style=”advanced” border_size=”2″ border_color=”#a4a4a4″ box_border_style=”inset” box_border_size=”2″ box_border_color=”#a4a4a4″ box_border_color_back=”#a4a4a4″ block_title_front=”Technologie succesvol inzetten binnen uw praktijk?” text_color=”#333333″ bg_color=”#efefef” block_text_color=”#1e73be” block_front_color=”#efefef” block_title_back=”Neem vrijblijvend contact met ons op” block_desc_back=”In een vrijblijvend gesprek bespreken we graag met u de mogelijkheden en mogelijke aanpak.” block_back_text_color=”#333333″ block_back_color=”#efefef” custom_link=”1″ button_link=”url:http%3A%2F%2Fwww.itmatchmaker.nl%2Fcontact-3%2F||” button_text=”Neem contact op” button_bg=”#dd3333″ button_txt=”#ffffff” flip_type=”horizontal_flip_left” height_type=”ifb-jq-height” box_height=”300″ cont_align=”on”][/vc_column][/vc_row]


Snoeien in complexiteit organisaties werkt vaak contraproductief

Stroomlijnen bedrijfsprocessenSlechts 7 procent van de bedrijven in de maakindustrie weet welke kosten kunnen worden toegerekend aan ‘onnodige complexiteit’ in hun organisatie. Volgens 60 procent van de respondenten is de meeste complexiteit te vinden op de afdelingen verkoop en marketing. Deze is er ingeslopen door een wildgroei aan producten en diensten en door te zwichten voor eisen van de klant. Fusies en overnames dragen ook hun steentje bij. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit een kwalitatief onderzoek uitgevoerd door PA Consulting onder 40 CIO’s, IT-directeuren en senior IT-managers die werkzaam zijn in de Nederlandse maakindustrie. In het rapport ontzenuwen de onderzoekers vier mythes die heersen over complexiteit.

Complexiteit is een sluipend proces. Bedrijven worden geconfronteerd met toenemende complexiteit doordat markten en klanten veeleisender worden. Soms zijn onder één dak ook meer businessmodellen aanwezig, die heel verschillende eisen stellen aan de bedrijfsinrichting en IT. IT wordt automatisch meegesleurd in de complexiteitsgolf. Die complexiteit moet wel hanteerbaar blijven. Het wegnemen van complexiteit lukt vrijwel alleen als over de functionele afdelingen heen acties worden ondernomen.

Het onderzoek toont aan dat er ‘goede’ en ‘slechte’ complexiteit bestaat. De goede variant helpt om beter of sneller in te spelen op de wensen van klanten en complexiteit in te zetten om concurrerend te zijn. De slechte variant kost alleen maar geld en heeft een negatief effect op de prestaties van een bedrijf. Dat 93 procent van de ondervraagden geen idee heeft wat de impact is van complexiteit op hun financiële resultaten, staat volgens de onderzoekers in schril contrast met kosten die wel inzichtelijk zijn. Een voorbeeld zijn de kosten van gebrekkige kwaliteit, welke meestal wél zijn gekwantificeerd. Complexiteit inzichtelijk krijgen lijkt niet zo moeilijk, maar is voor veel bedrijven lastig te doen, juist omdat het een sluipend proces is en managers vaak onvoldoende over afdelingsgrenzen heenkijken.

Onderzoeksresultaten

  • Productiebedrijven kunnen volgens de onderzoekers niet langer meer leunen op de waarde strategieën van bijvoorbeeld Treacy en Wiersema. Ondernemers moeten tegenwoordig uitblinken op alle aspecten: operational excellence, productleiderschap en customer intimacy. Door deze minder scherpe, bredere focus ontstaat meer complexiteit in de organisatie. Tegelijkertijd worden ondernemers gedwongen extreem klantgericht te werken, zowel off- als online en de time-to-market voor nieuwe producten en diensten aanzienlijk te verkorten.
  • Het blijkt dat ondernemingen die oorspronkelijk uitblonken met een strategie die gebaseerd was op operational excellence, nu het beste uitgerust zijn om de complexiteit in hun onderneming te reduceren. Zij zijn van nature gericht op het zo efficiënt mogelijk inrichten van hun eigen processen, met het oog op kostenbesparing en leverbetrouwbaarheid. Bedrijven met een focus op productleiderschap en customer intimacy konden zich vanwege hogere winstmarges lange tijd de luxe van ‘organizational slack’ en complexiteit veroorloven, maar die tijd is voor veel bedrijven voorbij.
  • Slechts 20 procent van de ondervraagde ondernemingen geeft aan over een integrale strategie te beschikken waarbij business en IT gezamenlijk de complexiteit te lijf gaan.
  • De disciplines verkoop en marketing spelen een belangrijke rol bij toenemende complexiteit. Vaak is de klant heel ver doorgedrongen in de interne keten, waardoor productie- en levering worden verstoord. Veeleisende klanten zijn niet altijd winstgevende klanten. Daarnaast worstelen veel bedrijven met steeds meer (online en offline) distributiekanalen. Als je hier begint met keuzes maken, bereik je het snelst resultaat en zal uiteindelijk de complexiteit in de hele organisatie afnemen.

Hans Houmes, lid van het management team van PA Consulting Group:

“Net zoals medici ooit hebben ontdekt dat er goede en slechte cholesterol bestaat, maken wij een onderscheid tussen goede en slechte complexiteit. Complexiteit is namelijk niet per definitie slecht. Zo maken succesvolle high-frequency traders gebruik van ingewikkelde algoritmes. Zij peinzen er niet over om hun processen of berekeningen te versimpelen. Het begrip complexiteit heeft in de praktijk weliswaar een negatieve lading, maar in veel gevallen is complexiteit juist nodig en helpt het de klant te ontzorgen. Net zoals bij cholesterol is er een goede variant die waarde creëert en competitief voordeel oplevert. Slechte complexiteit hoopt zich op en vernietigt juist waarde, net zoals slechte cholesterol de bloedvaten aantast. Bedrijven moeten leren hoe ze goede en slechte complexiteit in hun bedrijfsvoering en IT-omgeving kunnen herkennen.”

Veel managers hebben volgens PA Consulting wel de ambitie om korte metten te maken met complexiteit in hun organisaties, maar blijven steken in een project. Zo becijferde het internationale adviesbureau Source for Consulting dat bedrijven in 2017 een bedrag van 4.2 miljard dollar zullen investeren in initiatieven om hun bedrijfsprocessen te vereenvoudigen, een ruime verdubbeling ten opzichte van 2014 toen hiervoor nog 1.8 miljard dollar werd gereserveerd. Ronduit verontrustend is volgens de PA-onderzoekers echter dat ondanks dit hoge ambitieniveau, slechts een kleine minderheid van 20 procent van de ondernemingen het complexiteitsvraagstuk benadert vanuit duidelijke keuzes omtrent bedrijfsmodel en IT inrichting . Afdelingsgewijze benaderingen werken vaak niet omdat dan effecten in de keten niet worden aangepakt.

Vier mythes
De onderzoekers beschrijven in het rapport vier mythes:

  • Het is een misverstand om te denken dat alle soorten complexiteit op dezelfde manier moeten worden behandeld en dat alle complexiteit per definitie uitgeroeid dient te worden. Een complexe productconfigurator die door klanten enorm werd gewaardeerd, werd na een overname bijna weggesaneerd, doordat het nieuwe moederbedrijf de standaard ERP-applicatie wilde opleggen.
  • Ook is het een misverstand om te denken dat complexiteit op afdelingsniveau kan worden weggemasseerd. Het uitroeien van complexiteit op de ene afdeling kan leiden tot extra complexiteit op een andere afdeling. Bovendien bestaat er een sterke correlatie tussen de hoeveelheid complexiteit in de business en in de ondersteunende IT. Hoe complexer de functionele afdelingen, hoe complexer de IT-applicaties zullen zijn.
  • Het is naïef om te veronderstellen dat als je de complexiteit in de IT aanpakt, het hele probleem is opgelost. Hoewel automatisering veel zaken inzichtelijk maakt, zijn de eisen van de business vaak conflicterend en ambivalent. Als je dit niet als geheel oplost blijft complexiteit bestaan.
  • De backoffice wordt meestal als de grote boosdoener beschouwd, terwijl in de praktijk het juist de frontoffice is die op alle onmogelijke klanteisen wil inspelen, waardoor extra complexiteit in de organisatie ontstaat. Snoeien in een te ver uitgedijd assortiment doet wonderen voor de vereenvoudiging en stroomlijning van bedrijfsprocessen.

ERP
De onderzoekers signaleren dat er in de maakindustrie een sterke focus is op het rationaliseren van het applicatielandschap in het algemeen en ERP in het bijzonder. Eén van de respondenten vertelde over het streven om het aantal verschillende ERP-systemen terug te dringen van 60 naar 6, terwijl een andere manager een vuistregel hanteert dat voordat een aanvraag voor een nieuwe toepassing wordt gehonoreerd, er eerst een oude applicatie moet worden uitgefaseerd. Het ERP-landschap in de maakindustrie wordt gedomineerd door SAP, dat bij de ondervraagde ondernemingen een marktaandeel heeft van 55 procent. Infor/Baan, JDEdwards, Microsoft Dynamics en Axapta volgen op gepaste afstand met een marktaandeel van respectievelijk 15, 10 en 10 procent. 28 procent van de ondervraagde IT-managers geeft aan dat ze voor specifieke bedrijfsfuncties belangrijke software zelf hebben ontwikkeld.

Bedrijven die door PA Consulting zijn ondervraagd zijn onder meer bedrijven in de machinebouw, chemie, voeding-& genotmiddelen, autobanden- en onderdelenfabricage, verwerkers van agrarische producten, kunststof, klimaatbeheersingsinstallaties en kantoormeubelfabricage.

Het volledige rapport is hier te downloaden.

De onderzoeksresultaten zijn niet alleen relevant voor de maakindustrie, ook in het bankwezen valt nog een wereld te winnen als het gaat om het snoeien in de organisatiecomplexiteit. Zo besloot de Spaanse bank Santander het aantal financiële producten voor consumenten terug te brengen van 95 naar 5 en zich meer te richten op service.

Bron: PA Consulting

1 2 3 5